‘S Ochtends op een hotelkamer in Moskou houd ik voor mijn verwilderde kop een buitenlandse krant vast. Als ik één oog dichtknijp lukt het me enigszins om mijn blik scherp te stellen op een artikel. Dat gaat niet vanzelf, want ik ben nog steeds volgetankt met de voorbije Russische nacht. Aldus ontwaakt een Belgische rock ‘n roll-diplomaat in den vreemde. Het is een artikel aangaande het milieu, en het voorspelt niet veel goeds. De deskundige aan het woord geeft zijn beheerste uitleg, maar de boodschap is duidelijk. Ik stel me voor dat hij liefst op een andere toon zou willen spreken, gezien de intensiteit van zijn betoog. Eerder in de stijl van: ‘Ik wil niet zagen, maar we gaan dood. Ik bedoel snel, eerstdaags. Allemaal tegelijk. Kapot, vernietigd. Op gruwelijke wijze. Overconsumerende sukkels’. Wel wel, denk ik. Ik voel me vereerd. Tante Aarde trakteert haarzelf weer eens op een Extreme Makeover en deze keer heeft zij eindelijk eens een goed publiek. Jongens en meisjes die op de hoogte zijn. Want de ijstijd bijvoorbeeld, dat was maar een repetitie. De toeschouwer was er nog niet klaar voor. Elke poging tot apocalyps was gedoemd om onderschat en onbegrepen de geschiedenis in te zakken. Je had enkel wat idiote wilden. Met sporadisch een overbehaarde olifant die voorbij kwam stappen. Zij konden alleen maar beteuterd in de wind staan klappertanden. Als ik mijn geïllustreerde kinderencyclopedie mag geloven toch. Vele eeuwen later bleek het moment nog steeds niet ideaal. Goed, de angst won aan enige sofisticatie, maar wat kon er in Gods naam gebeuren? Ongetwijfeld zou het hemeldecor omvallen op ons Middeleeuws kapsel, volgens de toenmalige verwachtingen. En het showgedeelte zou verzorgd worden door een trom- en doedelzakorkest van minderjarige engelen en vuurspuwende Pokémons. Weinig meer dan een psychedelische sandaalfilm dus, een vergezochte productie met beperkt budget. Kortom, de ontvankelijkheid stond nog op een onvoldoende niveau. Niet goed genoeg, sorry. Daarom voel ik me gevleid. We blijken geëvolueerd te zijn tot intelligente wezens met de hoogste vorm van smaak en inzicht. Onze spektakelbeoordeling wordt voor vol aangezien. Dank u, Tante Aarde. We zijn er inderdaad klaar voor. Laat maar komen. Zaallichten uit, gordijn open. En daar start de windmachine... Het maakt me vanzelfsprekend erg curieus naar de gevolgen voor onze muziekcultuur. Hoe gaat de allerlaatste trend klinken? Waarschijnlijk zal er tot aan de uiterste snik onverstoorbaar verder worden herontdekt, aangepast en opnieuw verzonnen. En ergens zal iemand het zoveelste gitaarbandje oprichten. Met een grote kans dat het even vervelend klinkt als duizenden voorgangers. Toch bijzonder: hoe oneindig de mogelijkheden zich ook aandienen, gitaarrock blijft een vanzelfsprekende keuze voor velen. Songs, jeans, zonnebrillen, meezingers, riffs, ballads. Tja, instant nostalgie: wie tekent daar niét voor? Eén van de prettigste gevoelens ter wereld, nostalgie. Best gevaarlijk, jazeker, zoals alle fijne dingen. Gebruiken met mate. Oppassen om ‘te blijven hangen in uwen tijd’ enzovoorts. Maar over die gitaargroepjes: het is frappant dat degenen die het verschil maken, die het verst geraken, altijd beginnen met een erg streekgebonden geluid. Zie bijvoorbeeld R.E.M., U Two, Metallica, Red Hot Sjielie Peppers. Klonken allemaal als geen ander. Als originele lokale bands. Maar dan komen de grote ovaties en de weelde, en hop, men kiest alras het pad van onzekerheid en gezeur. Een raadsel. Al de imitators, altijd dezelfde vragen, het kan op de zenuwen gaan werken, zeker, maar wat dan nog? Mateloze ambitie gaat blijkbaar immer gepaard met het gedragspatroon van een stampvoetende kleuter. Zoals tijdens die leuke, depressieve jaren rond Nirvana. Wat een bloeiperiode voor gitaarmuziek was me dat! Maar wat een onnozele toestanden had je daar aan de top! Gelukkig bestaat er altijd zoiets als een minder beschenen onderlaag. Daar gebeurt dan het echte werk. Veel minder flauweriken ook. Voor elke ingemaakte pot smashing tienerleed jam had je destijds: Pixies, Barkmarket, Trumans Water, Sonic Youth, Melvins, Brainiac, Butthole Surfers, The Wipers, Harry Pussy, Jesus Lizard, Arab On Radar, US Maple enz, enz. Wat een bands. Een illustere ‘was het nu 80 of 90’ rocksnoblijst. Dan werd het wat stiller, wat onvermijdelijk is. Want een grote wind moet op tijd en stond gaan liggen. Een continu hoogtepunt, dat is gewoon tegen de natuur (niet persoonlijk bedoeld, Tante Aarde). Groot was mijn geluk dan ook, toen ik een tijdje geleden te horen kreeg van een verse Last Of The Great New Sensational Rockgroups: Pissed Jeans. Onfrisse kerels met dezelfde verplichte vieze klank als de allerbesten: The Rolling Stones, The Velvet Underground, Funkadelic, The Fall, Neil Young & Crazy Horse, Jimi Hendrix Experience en noem maar op. Pissed Jeans. Telkens als ik de naam uitspreek, wordt ik overspoeld door schaamteloze hoop. Pissed Jeans. Vlug mijn broek weer aantrekken. Ik wil weer dansen als een Kozak. Hier om de hoek, dicht bij het Rode Plein. Net als gisteren. Auw, nog niet te bruusk bewegen, niet te luidruchtig juichen. Okee, ik ga het nog drie keer zeggen, fluisteren liever, en dan ben ik weg. Pissed Jeans... Pissed Jeans... Pissed Jeans...
MAURO PAWLOWSKI