NIEUWSBRIEF



DOS & DON'TS






MEER VAN VICELAND





Vice: Schets mij eens hoe jouw pad naar het clown-zijn eruit ziet.

King Henry:
Ik ben geboren en getogen in Brooklyn en toen ik studeerde aan het Kingsborough Community College had ik een deeltijds baantje nodig. In het weekend werkte een vriend van mij voor een bedrijf dat zowat iedereen als clown aanwierf voor $24 per uur. Dat was in 1989, en $24 per uur was geweldig voor een universiteitsstudent. Geloof het of niet, maar het bedrijf heette AAAAA Entertainment—vijf A’s. Ze gaven je een “inloopscursus” van één uur. Ze leerden je drie verschillende toverkunstjes, toonden hoe je twee of drie ballondieren moest maken, staken je in een kostuum, dat achteraf slechts $15 bleek waard te zijn, en gaven je een paar tubes met blauwe en witte waterverf. Op mijn eerste dag stuurden ze mij meteen naar drie shows.

Eng.

Op weg naar mijn eerste optreden was ik echt nerveus. Ik had dat schop-in-de-maag-buikvlindersgevoel of whatever. Er waren maar twee of drie kinderen en twee ervan waren bang voor mij. Ik voelde mij echt slecht, zo van, “Ik kan niet geloven dat ik dit aan het doen ben.” Maar ik ben een man van mijn woord en ik ging die drie shows doen en daarmee uit. Mijn tweede show was in Prospect Park. In Living Color was toen net uit en ik had de reeks nog niet gezien. Al die mensen in het park spraken mij aan met, “Hey, hoe gaat het, Homey?” en “Kijk daar, Homey D. Clown!” Ik vroeg me af waarom al die mensen me uitlachten. Het derde feestje was in Queens, allemaal eilandvolk—uit Jamaica of Trinidad. Ze lachten met al mijn slechte grappen. De vrouw gaf me zelfs $10 fooi. Als student van 20 huppelde ik bijna terug naar mijn auto, aldoor lachend en denkend, “Misschien moet ik dit wel blijven doen.”

Door de jaren heen heb je het geschopt van clown voor het werkvolk tot manager van één van de topagentschappen in New York voor clowns en entertainers. De meeste mensen staan er niet bij stil dat er zo’n opwaartse mobiliteit bestaat in jouw branche.

In het begin heb ik als clown voor tal van verschillende agentschappen gewerkt, maar mijn tijd bij Zack’s Funhouse, dat toen het William Morris Agency was voor entertainers als ik, heeft voor mij de basis gelegd. Uiteindelijk gingen ze failliet en heb ik op een openbare verkoop hun telefoonnummer gekocht. Ik vond het wel een goed idee om een soort mascotte te hebben voor het bedrijf, dus kwamen we na een brainstorm op de proppen met King Henry. Het was een maffe tijd want ik was net getrouwd. Ik ging op huwelijksreis en nam iemand aan die bij Zack’s had gewerkt om de telefoon op te nemen en feestjes te boeken. Toen ik terug thuis kwam, had ik meer werk dan ik zelf aankon. Van dat moment schoot alles volledig buiten proportie. Nu heb ik mijn eigen televisieprogramma—The King Henry Show—en werk ik daarnaast als omroeper voor de Brooklyn Cyclones.

Keek je tijdens je begindagen op naar bepaalde professionele clowns?

Een van mijn mentors is Glen “Frosty” Little, de laatste levende meesterclown van het Ringling Bros. Circus. Er zijn een aantal criteria om meesterclown te worden: je moet een vergunning hebben voor pyrotechniek, je moet al een aantal jaar clownlessen geven, en je moet een zeker aantal sketches schrijven voor het circus. Er zijn maar een stuk of vijf mensen aan wie ze die titel hebben gegeven. Een andere grote clown die ik bewonder is Junior the Clown. Hij heeft me veel geleerd op conventies. Dat zijn uitstekende gelegenheden om dingen van mensen op te pikken. Joe Barney is ook geweldig. Hij was het hoofd van de clowneenheid voor Big Apple Circus.

Bestaat er een soort hiërarchie in de clownindustrie?

Min of meer. Er zijn zo’n vier verschillende niveaus. Joe Barney en Frosty Little staan aan de top. Dan heb je mensen zoals ik die respect van hen afdwingen, maar die volgens mij niet op hetzelfde niveau staan. En dan heb je de mensen die de lezingen organiseren en de werkende clowns die naar hén opkijken.

Wat is het meest memorabele dat je als clown hebt gedaan?

Er zijn veel memorabele optredens geweest, maar zo’n 13 jaar geleden, toen ik nog voltijds clown was, heb ik een babyborrel gedaan. Ik was verkleed als grote baby met een luier, een tutu en een babymuts. Ik kwam binnen op zoek naar “Mammie.” Toen ik haar gevonden had ging ik op mijn rug liggen en deed alsof ik aan het plassen was met zo’n waterbloem die ik rond mijn middel had gebonden. De mensen bestierven het! Ik kreeg zelfs $50 fooi. Daarnaast heb ik feestjes gedaan voor redelijk grote celebrities.

Voor wie dan wel?

Wel, ik laat er de meest beruchte van tussen omdat ik anders misschien een paar telefoontjes zal krijgen. Denk maar aan de grootste naam uit de maffiawereld. Ik verzorgde elk jaar zijn feestjes. Ik heb ook dingen gedaan voor Katie Couric, Puff Daddy, en LL Cool J. Ik heb feestjes gedaan voor de kinderen van Tommy Hilfiger. Hij was een geweldige klant en een fantastische persoon. Eigenlijk een heel gewone man. Hij kwam aan in een limo, met zijn beige broek, blauwe blazer en Oxford schoenen, liep de trap op, trok een gescheurde jeans en een T-shirt aan, en speelde de hele dag mee.

Wat is je geheim? Hoe werd je koning der clowns?

Toen ik jonger was—rond 19 of 20—had ik gemakkelijk het verkeerde pad kunnen nemen. Ik heb mezelf gevonden dankzij Oosterse filosofie en gevechtssport, tai chi en Boeddhisme en de Tao. Dat heeft me op het rechte pad gezet. Ik denk dat dat helpt in deze business omdat ik al vaak de gelegenheid heb gekregen om oneerlijk te zijn en zo snel rijk te worden. Ik heb ervoor gekozen dat niet te doen, en ik denk dat ik het daarom zo goed heb gedaan.


< PREVIOUS CLOWN | FIRST CLOWN >