Terwijl de mondiale muziekpers afgelopen maand massaal natte broekjes kreeg van de kersverse Radiohead, viel mijn oog op een interview van Fact Magazine met dubstepwizzard Burial over zijn nieuwe album ‘Untrue’. Toegegeven, ’s mans genialiteit valt te bediscussiëren. Een goede vriend omschreef luisteren naar Burial laatst zelfs als “platgespoten worden met valium in een bejaardentehuis vol alzheimer-patiënten”. Sterk, maar ik denk dat we het er allemaal over eens zijn dat dubstep nu eenmaal niet voor de massa is. De dag dat Dygital Mystiksz in een witte tanga de Amsterdam Arena op zijn kop zetten, zal niet komen. Dat neemt niet weg dat het bombardement aan fijne platen vanuit de Londense diaspora van de afgelopen twee jaar vrolijk wordt voortgezet, met producers als Burial ferm aan de leiding. Zelden een mooier citaat over muziek gehoord dan van deze mysterieuze knoppendraaier.
Je kent het wel, het moment waarop je die grote donkere fabriekshal verlaat, je oren suizend van het lawaai dat achter je verstomt. Je loopt de frisse winternacht in, duikt in je sjaal en slaat de ogen op richting het verlopen feestvolk om je heen. Dooie vingers draaien slappe jointjes, terwijl het langsrijdende verkeer voor de nodige ‘muzikale’ ondersteuning zorgt. In je hoofd vervaagt het feest langzaam tot een echo van zichzelf. Flarden muziek en licht flikkeren nog na als een theelichtje in een oceaan van zwarte ruis. De rest van de week gloeit het feest nog na in je platenkast. Afterglow... Pickwick-thee gevangen in rafelige beats en gruizige breaks: “The sound that I’m focused on is more, you know, when you come out of a club and there’s that echo in your head of the music you just heard… I love that music, but I can’t make that club sort of stuff… but I can try and make the afterglow of that music.”
Het mag duidelijk zijn dat de man een protégé is van labelbaas Kode9, de renaissanceman van de Londense breaks-society. De aimabele Schot die het maken van dubby subbaslijnen dikker dan een FEBO bananenmilkshake afwisselt met dissertaties over de filosofie van geluid. Naar verluid is hij een boek aan het schrijven waarin hij, naast tips voor mediteren op bassdrones en macrobiotisch koken met de 909, het gebruik van akoestische wapens behandelt. Hyperdub vs. Al Qaeda. Gelukkig heeft de beste man ondertussen ook nog tijd gevonden om een pesterig korte albumpreview van ‘Untrue’ de ether in te slingeren. Gebleven is de ruis die als een statische deken het doffe geluid van de plaat extra versterkt. Kapotte beats en ijzige synths die als de soundtrack van de Mike Leigh-film voorbijrollen: Troosteloze Londense flatwijken waar piratenstations het geluid van het ondergrondse bepalen. Nieuw zijn vocalen die op verschillende pitchniveaus zijn gemixed. Luister aandachtig naar Archangel en huiver van de diepe melancholie die kluizenaar Burial uit zijn computer tovert. Laat deze man alsjeblieft nog even opgesloten op zijn zolderkamer zitten. Barricadeer de deur en voer hem alleen samples, homegrown op dubplates. Laat het publieksmennen maar over aan uitgesprokener types als Rob Ellis a.k.a DJ Pinch. De afgelopen jaren liet de koning van de herboren Bristol-scene ons al kennismaken met types als Vex’d. Cyrus en de Neerlands dubstep-hoop-in-bange-dagen 2562. Na de indrukwekkende Tectonic-verzamelaar is het tijd voor het eerste volledige album van de labelbaas zelf. Sfeervolle dubstep die een brug slaat naar het Basic Channel/Hard Wax-geluid van begin jaren ‘90 en de Duitse microhouse van het nieuwe millennium. Sleeparchive meets King Tubby voor een fijn avondje polka zwieren. Het lijkt er wel op dat Kode9 ook in Bristol regelmatig op de koffie komt. Geheel in de geest van de Grote Roerganger’s postapocalyptische wereldvisie van cyborgs en ondergelopen steden heet Pinch’s eersteling Underwater Dancehall. Stroperige tracks waarin bas en ritme rollebollend over de dansvloer denderen. Live bewees Pinch onlangs nog in Utrecht over behoorlijk wat munitie te beschikken. Met de opwaartse gang die dubstep ook in Nederland maakt, zou Pinch wel eens tot de posterboy van het genre kunnen uitgroeien. Bristol is back.
NIELS VAN NIMWEGEN