|
|
| foto van Bram Van Cauter | |
GELD OP FESTIVALS
Onder het motto ‘Voed de Uitgehongerden en Vul Daarbij Uw Portemonnee’ was ik met een paar vrienden van me tijdens festivals in een caravan gaan zitten om boterhammen te verkopen. Met chocopasta, met worst, met kaas en met uufflakke, de Gentse variant van zure zult. Een euro voor een boterham, easy money. Dus sta ik in het holst van de nacht in een aftandse, kleine caravan die van boven tot onder behangen is met rood-wit geblokte gordijnen, servetjes en accessoires allerhande, hier en daar onderbroken door een verzameling harige pornoprentjes uit de jaren ’70.
Het nadeel van zo’n concept als een boterhammenbar als baken van gezonde voedinglees: geld kloppen uit de zakken van slenterende dronkelappenis dat er altijd een lichtjes losgeslagen figuur achter zit. In dit geval vergezeld van een al even sympathiek gestoorde blondine die onderbroeken draagt met hartjes erop. Niet dat ik haar al uitgekleed heb ofzo, maar haar rokjes zijn zo nietsverhullend dat iedereen weet welk motiefje haar billen siert. Tussen twee Big Flaks (een dubbele boterham met twee lagen zure zult) door voel ik mijn rood-wit geblokte stoel heen en weer schudden. Op de vloer van de veel te kleine caravan ligt die hartjesonderbroek, met twee hijgende lijven ernaast. Boterhammen smeren blijft leuker dan bekertjes rapen in een wei waar twee dagen eerder nog koeienvlaaien lagen.
Dat gezegd hebbende: Vetzakkerij is zonder twijfel de meest logische invalshoek als je er op een festival voor wilt zorgen dat je portemonnee goed gevuld raakt. Let wel, het aanbod aan goorlapperij op festivalweides is haast onuitputtelijk: niet voor niets kom je meer braadworstkramen en licht verzuurde pannenkoeken tegen dan muziekgroepen.
Als je rijk wilt worden op een festival is het punt dus dat je vadsigheid serveert die of goedkoper is dan die de sandwiches met jonge kaas of die een vetgehalte heeft waar je cholesterol spontaan van op tilt slaat. Uufflakke is daar het beste voorbeeld van. Gooi wat vleesoverschot in een vleesmolen, draai daar gelatine (met gemalen varkensbeenderen, jammie!) door en je hebt een in plakjes snijdbaar goedje waarmee je brood kunt beleggen. Geen hond die dat onder normale omstandigheden door zijn keel krijgt, maar slenterend volk met een zonnesteek en genoeg alcohol om alle innerlijke wonden te ontsmetten, heeft niet veel meer nodig dan wat vleesafval.
Je kunt ook je schatje tegen betaling laten flashen. Maar de kans is aanwezig dat zoveel lelijke grieten hun melk-witte uiers wereldkundig willen maken dat niemand nog een euro overheeft voor die van jouw vriendin. Plus, als je schatje dat ziet zitten, zou ik de slet dumpen.
Je kunt het ook proberen met maatschappelijk aanvaarde rotklusjes. Leen de übergetunede racekar van je neef en speel jukebox (zorg dat je ‘Seven Nation Army’ van The White Stripes bij je hebt, dan zit je safe). Of verkoop wc-papier per blaadje. Of pendel met een bakfiets heen en weer tussen de camping en het festivalterrein om zo kleine meisjes met veel te zware rug-zakken en pijnlijk etterende blaren blij te maken. Maar dan kun je net zo goed bekers rapen of de hele dag saucijsjes omdraaien boven een bloedhete barbecue.
Dus kun je toch maar beter je lucratieve activiteiten in de marge van de legaliteit organiseren. Nachtwinkel spelen is wat dat betreft zeker geen dom idee. Stouw een bestelwagen vol met dingen die op festivals als luxueus worden bestempeld: sigaretten, filtertips, koel bier, condooms en alles waar veel zout en vet inzit, van bierworstjes tot goedkope chips. Het draait er dan natuurlijk om je prijzen net iets lager te houden dan die van de festivalkraampjes en eventuele concurrentie zorgvuldig uit te roeien. En als je dan nog in je bestelwagen-nachtwinkel een klein, lichtjes afgeschermd hoekje voorziet als sekshoek, met peephole voor betalende gluurders, dan, beste vrienden, hoef je nooit meer in je boterhammenhok gaan staan smeren.
JILL MATHIEU
